College Tour Criminologie 2020

De inschrijving voor de College Tour Criminologie 2020 - aangeboden door het Opleidingsinstituut DJI - is geopend.

In een reeks van elf colleges belichten wetenschappers en (interne) praktijkdeskundigen het thema criminologie. Inzicht in opvattingen, historie, achtergronden en een passende benadering tijdens detentie kunnen bijdragen aan succesvolle re-integratie en vermindering van recidive.

Je kunt je inschrijven voor de losse colleges. Het programma is hetzelfde als in 2019, met één verschil: er is een nieuw college toegevoegd over jongeren, straatcultuur en criminaliteit. Dat college is ook interessant voor wie al eerder heeft deelgenomen.

PRAKTISCHE INFORMATIE

Voor wie

Alle medewerkers van DJI en netwerkpartners

Tijd | Locatie

College 1 t/m 10 duren van 16.00 tot 20.00 uur.

College 11 duurt van 14.00 tot 20.00 uur.

De colleges vinden plaats in Kanaal30, Kanaalweg 30 te Utrecht. Voor een lekkere maaltijd wordt gezorgd.

Kosten

Deelname is kosteloos.

Op deze leeractiviteit zijn de leveringsvoorwaarden van toepassing. Bij te late annulering of niet verschijnen worden kosten in rekening gebracht. Annuleren kan kosteloos tot 28 kalenderdagen voor de uitvoeringsdatum. Een vervanger opgeven kan tot een dag voor de uitvoeringsdatum. De datum van goedkeuring door de gemandateerde is hierbij leidend.

Aanmelden

DJI-medewerkers kunnen zich voor de colleges aanmelden via sophie.oidji.nl.

Ketenpartners kunnen zich voor de colleges aanmelden via keten.sophie.oidji.nl.

PROGRAMMA

BLOK A - INLEIDING

Dit blok gaat over de historische en maatschappelijke context van onze percepties ten aanzien van daderschap, slachtofferschap, schuld en vergelding. Hoe dachten wij hier in het verleden over, waarom denken we er vandaag de dag over zoals we dat doen en welke consequenties hebben onze opvattingen hierover voor onze maatschappij, het strafrecht en de visie op re-integratie en resocialisatie?

IDENTITEIT EN AUTORITEIT

College 1 | 21 januari 2020 |door: Paul Verhaeghe

Dit college beantwoordt de vraag waarom er een substantiële groep mensen achterblijft in onze maatschappij, waarom deze groep in hoge mate is vertegenwoordigd onder de justitiabelen en hoe het komt dat er bij zo’n groot deel van deze groep sprake is van ingewikkelde multiproblematiek.

Maatschappelijke veranderingen hebben gezorgd voor een veranderd ik-gevoel. Verhaeghe betoogt dit op basis van twee grote veranderingen: het loslaten van de patriarchale autoriteit (een proces dat eeuwen geleden is ingezet) en de totale omkering van onze identiteit (een gevolg van dertig jaar neoliberalisme, vrijemarktwerking en privatisering). Beide ontwikkelingen hebben geleid tot de huidige maatschappelijke polarisatie tussen twee groepen, de ‘winners’ tegenover de ‘losers’. De verliezers krijgen bijna altijd een psychiatrisch label opgespeld en komen, mede door de afbouw van de intramurale psychiatrische zorg, steeds vaker terecht in de groep van de justitiabelen. Het gedrag van deze groep is fundamenteel anders dan zo’n veertig jaar geleden: waar de vroegere maatschappij een kweekvijver was voor geremde neurotici, is de huidige eigen-ik-eerstmaatschappij een kweekvijver voor stoornissen in de impulscontrole. De problemen inzake autoriteit, identiteit en eenzaamheid komen op die manier samen en vragen om een gecombineerde oplossing.

Prof. dr. Paul Verhaeghe is doctor in de klinische psychologie en psychoanalyse en hoogleraar aan de Universiteit Gent. Sinds 2000 gaat zijn belangstelling vooral naar de invloed van maatschappelijke veranderingen op psychologische en psychiatrische problematiek.

MENS- EN WERELDBEELDEN EN HET BIJBEHORENDE MISDAADRECHT

College 2 | 13 februari 2020 | door: Jacques Claessen

Ons misdaadrecht ligt ingebed in een bepaald mens- en wereldbeeld. Jacques Claessen laat zien hoe ons mensbeeld en daarmee het misdaadrecht in de loop van de eeuwen veranderd is. Hij laat bovendien zien hoe deze ontwikkeling in de westerse, christelijke wereld verschilt van die in andere werelddelen waar men zich op andere religies baseert. Is er inderdaad sprake van een verharding van ons strafrecht onder invloed van veranderende menbeelden – of zijn er ook tegengestelde tendensen zichtbaar?

Mr. dr. Jacques Claessen is universitair hoofddocent straf(proces)recht aan de Maastricht University. Hij houdt zich in onderwijs en onderzoek zowel bezig met strafrecht in het algemeen als met strafrechtelijke sancties, de positie van het slachtoffer in het strafproces en herstelrecht in het bijzonder.

VISIES OP RE-INTEGRATIE EN RESOCIALISATIE; EEN SOCIAAL-WETENSCHAPPELIJKE BENADERING VAN HET STRAFRECHT

College 3 | 10 maart 2020 | door: Mechtild Hoïng

In dit college analyseren we het re-integratie- en resocialisatieproces vanuit twee perspectieven: dat van de delinquent en diens levensloop en dat van de samenleving en haar vertegenwoordigers in verschillende geledingen (detentie, behandeling, reclassering, maatschappelijke organisaties, burgers).

Vanuit de justitiabele gezien kijken we naar delinquentie als atypische levensloop: wat ging er mis? Hoe verklaren delinquenten hun delict? Wat betekenen aanhouding en detentie in het levensverhaal van deze persoon? Wat betekent de terugkeer naar de samenleving? Wat bedoelen we met resocialisatie en desistance? Hoe ziet dat er vanuit het perspectief van de delinquent uit? Wat is de rol van herstel in dit verhaal? Wat zijn mogelijke uitkomsten? Wat zijn beïnvloedende factoren?

Vanuit het perspectief van de samenleving bezien we het krachtenveld van correctie, straf, vergeving, behandeling, terugkeer in de samenleving, herstel van sociale rollen en rechten als burger en sociale inclusie. Waar in dit krachtenveld ontstaat resocialisatie en herstel in de diepere betekenis van het woord? Waar ontstaat sociale inclusie? Hoe werken professionals daarin samen of tegen? Welke theoretische kaders hanteren zij? (Good lives-model, RNR-model, herstelgericht werken en gedragstherapeutische modellen). Welke mogelijkheden hebben zij? Wat is de rol van de gemeenschap (in de zin van familie, vrienden, buren, collega’s, maar ook: slachtoffers) daarin en wordt die wel benut?

Wat kun je als DJI doen en wat vraagt dit van medewerkers van DJI met betrekking tot visie op detentie, houding, bejegening en aanbod?

Dr. Mechtild Höing is socioloog en docent en onderzoeker binnen het Lectoraal Transmuraal Herstelgericht Werken aan de Avans Hogeschool. Zij is sinds 2009 als onderzoeker betrokken bij het COSA-project van Reclassering Nederland. COSA staat voor Circles Of Support and Accountability.

BLOK B - INLEIDING

Dit blok gaat in op de culturele, maatschappelijke en eventueel psychiatrische achtergronden van de huidige justitiabelen.

JONGEREN, STRAATCULTUUR EN CRIMINALITEIT

College 4 | 2 april 2020 | door: Mathijs Zwinkels

In dit college gaat Mathijs in op de relatie tussen straatcultuur en criminaliteit. Straatcultuur is niet per se crimineel, maar fungeert wel als springplank naar de (georganiseerde) criminaliteit. Wat is binnen de straatcultuur de voedingsbodem voor grensoverschrijdend gedrag? Wat zijn de ongeschreven regels, hoe verkrijg je status, hoe zit de hiërarchie en de groepsdynamiek in elkaar? Welke gelaagdheden en relaties met (georganiseerde) criminaliteit zijn er en hoe vindt eventuele doorstroom naar georganiseerde criminaliteit plaats? Maar ook denkend vanuit de doelstelling van re-integratie: welke kansen zijn er om bij deze jongeren tot een positieve binding te komen met onze maatschappij?

Mathijs Zwinkels is werkzaam (geweest) als adviseur veiligheid bij de gemeente Amsterdam, als interventiespecialist persoonsgerichte aanpak bij het RIEC Amsterdam en als ketenregisseur bij de gemeente Culemborg. In 2015 heeft hij de Universiteit van de Straat opgericht als tegengeluid. Vanzelfsprekend wordt hiermee geen erkend onderwijsinstituut bedoeld. Het is een verwijzing naar de opgedane kennis, inzichten en vaardigheden binnen de unieke leeromgeving van een straatcultuur en criminaliteit. Deze ‘straatkennis’ is essentieel voor een constructieve aanpak van risicogedrag bij zware overlast en (ondermijnende) criminaliteit.

CULTUUR EN CRIMINALITEIT

College 5 | 7 mei 2020 | door: Frank Bovenkerk en Mario Braakman

Dit college gaat in op de vraag of, en zo ja, hoe er een relatie is tussen etnische afkomst en criminaliteit. Lange tijd was het politiek niet correct om te wijzen op de problematische kanten van de pluriforme samenleving die Nederland tegenwoordig is. Onder invloed van het zogenaamde ‘nieuwe realisme’ is daar verandering in gekomen: alle politieke partijen hebben hun ogen geopend voor problemen als verloedering van oude stadswijken waar veel mensen van allochtone afkomst wonen, achterblijvende integratie en discriminatie en achterstelling. Wat betreft de criminaliteit van (allochtone) jongeren voert Geert Wilders met de Partij voor Vrijheid de stoet van de taboe- doorbrekers aan: herhaaldelijk heeft hij in de Tweede Kamer voorgesteld dat ‘het Marokkaanse en Antilliaanse tuig’ het land zou moeten worden uitgezet.

In deze bijeenkomst wordt aandacht besteed aan deze en andere problematische aspecten van de multiculturele samenleving. Allochtone jongeren zijn oververtegenwoordigd in de criminaliteitscijfers en in Nederlandse gevangenissen en huizen van bewaring zitten vooral zwarte mensen. Betekent dit gegeven dat mensen met een andere etnische afkomst ‘crimineler’ zijn dan anderen? Of zijn er (andere) mechanismen aan te wijzen die ertoe leiden dat sommige mensen eerder en vaker met het strafrechtelijke apparaat in aanraking komen dan anderen?

Prof. dr. Frank Bovenkerk is cultureel antropoloog en criminoloog. Hij was van 1988 tot 2008 als hoogleraar verbonden aan het Willem Pompe Instituut, het criminologisch en strafrechtelijk instituut van de Universiteit Utrecht. Nu is hij nog als hoogleraar emeritus aan dit instituut verbonden. Sinds 2009 is hij als bijzonder hoogleraar radicaliseringsstudies aan de FORUM Frank J. Buijs leerstoel verbonden aan de Universiteit van Amsterdam, Instituut voor Migratie en Etnische Studies.

Prof. dr. Mario Braakman is hoofdopleider transcultureel forensisch psychiater bij Pro Persona en hoogleraar transculturele forensische psychiatrie aan de Tilburg University.

IDENTITEIT EN DE LOKROEP VAN HET ISLAMITISCH EXTREMISME

College 6 | 2 juni 2020 | door: Lisa de Lang en Warda Boutaibi

In dit college zoomen we in op deze potentiële doelgroep, op de geschiedenis van de immigratie en op de uitdagingen en problemen van de 1e, 2e en 3e generatie van deze immigranten. Vervolgens kijken we hoe radicalisering tegen deze achtergrond te plaatsen is, hoe radicalisering eruit ziet, hoe de stadia verlopen, welk gedrag en andere uiterlijke kenmerken hier eventueel bij horen en op de belangrijke vraag wanneer die kenmerken nu echt een teken zijn voor radicalisering en wanneer er gewoon sprake is van cultuur of de uitoefening van iemands geloof.

Lisa de Lang (MA) is werkzaam als inhoudsdeskundige en ontwikkelaar bij het Rijksopleidingsinstituut tegengaan radicalisering (ROR). Vanuit hbo geschiedenis afgestudeerd als Midden-Oosten-deskundige en religiewetenschapper. Daarnaast heeft ze een specialisatieprogramma Vrede & Veiligheid afgerond en Internationale Betrekkingen. Zij heeft een antropologisch onderzoek verricht naar religiebeleving en betekenisgeving onder Nederlandse moslims en onderzoek gedaan naar de opkomst en ontwikkeling van Islamitische Staat. In 2018 heeft zij de postgraduate Buitenlandse Betrekkingen aan Clingendael afgerond.

Warda Bouteibi was werkzaam als casemanager in de jeugdzorg, als raadsonderzoeker bij de Raad voor de Kinderbescherming en momenteel als trainer voor het ROR.

STOORNIS EN DELICT

College 7 | 30 juni 2020 | door: Sabine Roza

Diverse studies hebben aangetoond dat de prevalentie van psychiatrische stoornissen, inbegrepen het gebruik van middelen en verstandelijke beperkingen, in forensische populaties hoog is. Ook is er bij justitiabelen vaak sprake van disfunctioneren op diverse leefgebieden. In de masterclass ‘stoornis en delict’ wordt ingegaan op deze meervoudige problematiek, op het verband daarvan met probleem- en delinquent gedrag en recidiverisico en op interventiemogelijkheden in detentie, ambulante en klinische zorgsettingen.

Dr. Sabine Roza is als NRGD-geregistreerd forensisch psychiater en opleider werkzaam bij het NIFP en als universitair hoofddocent Forensische Psychiatrie bij het Erasmus MC. Zij is klinisch epidemioloog en promoveerde in 2008. Als wetenschapper onderzoekt zij de ontwikkeling van agressie en antisociaal gedrag vanaf de kindertijd tot op volwassen leeftijd. Als opleider begeleidt ze AIOS in de laatste fase van hun opleiding, op verschillende locaties van het NIFP, waaronder het Pieter Baan Centrum en de verschillende gevangenissen en Penitentiaire Psychiatrische Centra. Zij verzorgt onderwijs voor studenten Geneeskunde, studenten Rechten en artsen in opleiding tot psychiater.

BLOK C - INLEIDING

In dit blok zoomen we in op passende regimes zorg-veiligheid, herstelgericht werken, verbetering van het leefklimaat. Dit alles met als doelstelling om tot optimaal persoonlijk maatwerk te komen en zodoende een bijdrage te leveren aan de vermindering van de recidive en het, samen met de netwerkpartners, faciliteren van de re-integratie van ex-justitiabelen vanuit het besef dat de re-integratie al in detentie moet beginnen.

HERSTELGERICHTE DETENTIE

College 8 | 3 september 2020 | door: Jacques Claessen, Bart Claes en Jacques Beemsterboer

In dit college gaan we in op het ontstaan van het herstelrecht in Nederland, wat de rol is geweest van een aantal pioniers in het herstelrechtelijke denken en wat het concept herstelrecht inhoudt. Ook wordt aandacht besteed aan de meerwaarde van herstelrecht in vergelijking met strafrecht (ter aanvulling op/als alternatief voor strafrecht) en aan herstelrecht in verschillende fasen van het strafproces en met name in de fase van detentie. Vervolgens gaan we in op de toepassing van dit gedachtengoed binnen detentie: de herstelgerichte detentie.

Mr. dr. Jacques Claessen is universitair hoofddocent straf(proces)recht aan de Maastricht University. Hij houdt zich in onderwijs en onderzoek zowel bezig met strafrecht in het algemeen als met strafrechtelijke sancties, de positie van het slachtoffer in het strafproces en herstelrecht in het bijzonder.

Dr. Bart Claes is lector Transmuraal Herstelgericht Werken aan de Avans Hogeschool. Hij werkte tien jaar als sociaal werker en herstelbemiddelaar in jeugdinstellingen en gevangenissen. Hij promoveerde aan de Vrije Universiteit Brussel op herstelgericht werken met langgestraften in een hoogbeveiligde gevangenis. Eerder deed hij een etnografische studie van het alledaagse leven in detentie. Hiervoor verbleef hij ruim anderhalf jaar in de gevangenis. Na zijn promotieonderzoek werkte Bart Claes 2 jaar aan de School of Law, University of Sheffield. Daar onderzocht hij hoe herstelgerichte praktijken gedetineerden en hun netwerk stimuleren een ‘goed leven’ op te bouwen en te stoppen met het plegen van criminaliteit.

Jacques Beemsterboer heeft na de moord op zijn dochter Nadine in 2006 de Nadine Foundation opgericht. Deze stichting houdt zich bezig met het bestrijden van zinloos geweld.Vanuit het programma ‘Herstel in beeld’ voert de foundation sinds 2014, op verzoek van DJI, gesprekken met gedetineerden.

OMGAAN MET (IMPULSGEDREVEN) GEDRAG EN HET VOORKOMEN VAN CRISES

College 9 | 6 oktober 2020 | door: Jesse Meijers en Frans Fluttert

In deze sessie gaan we in op het effect van detentie op het brein en op het begrijpen van agressie en het kunnen signaleren, nog voordat de escalatie plaatsvindt (ERM-vroegsignalering). In zijn proefschrift ‘Sla het brein niet in de boeien’ toont Meijers aan dat de forensische setting de kans op succesvolle resocialisatie verkleint. Detentie gaat gepaard met een verlies van autonomie en met een vermindering van fysieke activiteit, cognitieve uitdagingen en sociale interactie. De omgeving in de gevangenis is een arme omgeving. Er is voortdurend sprake van stress door onveiligheid en door gebrek aan autonomie. Iemand die een passief leven leidt, dat wil zeggen minder verantwoordelijkheid draagt en bij wie er dus minder van het brein wordt gevraagd, gaat cognitief snel achteruit. Daarbij gaat het om mentale processen zoals informatie verwerken, problemen oplossen en impulscontrole. Dat kan leiden tot ongewenst gedrag binnen de inrichting, wat afgestraft wordt door de persoon in een nog ‘armere’ omgeving te plaatsen, wat tot nog meer ontremming kan leiden. Bovendien is er een directe relatie met recidive. Hoe kunnen we binnen detentie deze schade zoveel mogelijk beperken?

Dr. Jesse Meijers is neuropsycholoog en GZ-psycholoog en werkzaam in JC Zaanstad

In de (forensische) psychiatrie wordt de ERM-vroegsignaleringsstrategie toegepast binnen de interacties met patiënten en cliënten (riskmanagement). In het gevangeniswezen is minder sprake van interactiestrategieën, maar meer van observatiestrategieën en crisisbeheersing. Met ERM-vroegsignalering kun je eerder met ’slim observeren’ gedragsontregeling signaleren en vervolgens met ’slimme interacties’ stabilisatie van het gedrag bevorderen. In de Van Mesdagkliniek zijn hiermee opmerkelijk positieve resultaten geboekt in het terugdringen van incidenten. We verkennen hoe we deze techniek ook binnen GW kunnen toepassen.

Dr. Frans Fluttert is senior-researcher bij de FPC Van Mesdagkliniek, associate professor aan de Molde Universiteit Noorwegen en Universiteit Zuid-Denemarkne en research supervisor Oslo Universitair Medisch Centrum, Noorwegen.

DE WERKALLIANTIE IN HET GEDWONGEN KADER; HET BELANG VAN PROFESSIONELE NABIJHEID VOOR RE-INTEGRATIE EN RESOCIALISATIE

College 10 | 5 november 2020 | door: Vivienne de Vogel

Uit onderzoek naar de succesfactoren voor het reclasseringswerk blijkt dat vertrouwen en professionele nabijheid en verbinding cruciaal zijn. Vertrouwen en binding maken het makkelijker om met de cliënt te praten over de doelen en taken van toezicht en over het gedwongen kader waarbinnen dit plaatsvindt. Het gedwongen kader op zich hoeft dus geen belemmering te zijn. Het kan ook duidelijkheid geven, mits de cliënt zijn reclasseringswerker voldoende vertrouwt en zich voldoende als persoon gerespecteerd en ondersteund voelt. Deze bevindingen zijn direct vertaalbaar naar DJI. Wat betekent dit voor onze manier van werken met justitiabelen?

Dr. Vivienne de Vogel is psychologe en werkt als lector bij het lectoraat Werken in Justitieel Kader, Kenniscentrum Sociale Innovatie van de Hogeschool Utrecht en daarnaast al ruim 20 jaar als onderzoeker bij de Forensische Zorgspecialisten (Van der Hoeven Kliniek). Haar onderzoek concentreert zich op risicotaxatie van gewelddadig gedrag, genderverschillen in de forensische zorg, psychopathie, de werkalliantie en continuïteit in de keten.

RE-INTEGRATIE EX-JUSTITIABELEN; SAMENWERKING MET NETWERKPARTNERS

College 11 | 3 december 2020 | door: Karel van Duijvenbooden en Hilde van Roekel

In het Bestuurlijk Akkoord Re-integratie ex-justitiabelen is overeengekomen dat DJI, de gemeenten en de reclassering de gezamenlijke maatschappelijke opgave hebben om te werken aan een succesvolle re-integratie van justitiabelen om hen optimaal voor te bereiden op terugkeer naar de maatschappij. Dat moeten wij doen wij door vroegtijdig (bij aanvang en tijdens de vrijheidsbeneming en als het kan al daarvoor) en waar mogelijk en nodig onze inzet te bundelen. Wat betekent dit nu voor precies voor DJI, hoe kunnen we hieraan invulling geven?

Door: Karel van Duijvenbooden, Ketenmanager Veiligheidshuis Regio Utrecht en Hilde van Roekel, trainer D&R Opleidingsinstituut DJI